Terugblik bijeenkomst Meerjarenvisie Overijssel

De opzet van de bijeenkomst in Overijssel week af van de andere provinciale bijeenkomsten. Na twee voorbereidende pijlerbijeenkomsten (Fysiek  en Sociaal/Financieel) gingen veertien Overijsselse bestuurders in gesprek met Jantine Kriens over de opgaven in Overijssel.

Thema's

Tijdens de bijeenkomst is een groot aantal thema's aan de orde gekomen. Deze zijn grofweg onder te verdelen in Sociaal Domein, Ruimte, Financiën, Collectivisering en Bestuurscultuur.

Sociaal Domein:
De belangrijkste inhoudelijke opgaven die uit de pijler Sociaal Domein kwamen waren de betaalbaarheid van de zorg, de verdeelsystematiek en de bestaansonzekerheid die veel mensen ervaren . Ook de 'gele hesjes' werden genoemd. Hoe kan het lokaal bestuur een rol spelen bij het beter verbinden van de samenleving? Handelen we pro-actief op thema's als bestaansonzekerheid en onvrede, of beperken we ons tot het blussen van brandjes? 

Ruimte:
Grote thema’s in deze pijler zijn de invoering van de Omgevingswet, de energietransitie, vitaliteit en leefbaarheid en mobiliteit. Een gedeelde oproep binnen deze thema’s is om gemeenten de ruimte te geven om oplossingen te zoeken in de uitvoering. Generieke maatregelen helpen hier niet.

Andere punten zijn in hoeverre Oost-Nederland de problematiek van de Randstad op moet lossen, wat dit betekent voor de financieringssystematiek en hoe de afstemming met Duitsland verbetert kan worden: projecten op het gebied van duurzaamheid kunnen over de grens soms wel en hier niet (regelgeving).

Financiën:
hoewel herverdeling altijd lastig is, zeker in verenigingsverband, voelen veel bestuurders ervoor om lusten en lasten samen te laten komen bij de inwoners. Als voorbeeld werd genoemd dat inwoners die het meeste last hebben van een windmolen daar ook de meeste opbrengsten uit zouden moeten krijgen.

Collectivisering:
Er is veel winst te halen in het collectiviseren en standaardiseren van beleidsarme dienstverlening. In Overijssel is de vraag besproken of en waar er een grens getrokken kan/moet worden. Een mogelijke grens geldt dan vooral bij vormen van standaardisering waaraan gemeenten zich niet aan kunnen onttrekken. Per taak moeten we kijken wat we wel samen doen en wat niet.

Bestuurscultuur:
Er wordt herkend dat overheden elkaar bij opgavegericht werken steeds vaker nodig hebben. Tegelijkertijd is er zorg over rolvermenging. Waarom bemoeit het Rijk zich actief met gedecentraliseerde taken? Met welk recht menen Provinciale Staten knopen over de RES door te kunnen hakken? Wie beslist er over regiovorming? Ook in RES-verband blijven gemeenten autonoom.

Belangrijk voor de aanwezige bestuurders is dat gemeenten de mogelijkheid moeten houden om oplossingen te zoeken die passen bij hún situatie. Erken het verschil tussen gemeenten en regio’s en zet ze in hun kracht om samen tot de beste oplossing te komen.

Tot slot kwam er uit Overijssel een duidelijke oproep om zorgvuldigheid van besluitvorming boven snelheid te stellen.

Rol en positie van de VNG

Over de rol van de VNG is hier gedeeld dat de vereniging als vehikel kan dienen tussen (kleinere) gemeenten en het Rijk. De kerntaken belangenbehartiging, platform en dienstverlening werden herkend en ondersteund.

Van belangenbehartiging vinden de Overijsselse bestuurders vooral dat deze assertief moet zijn. Daarvoor is nodig dat de VNG heel goed weet wat er speelt bij de gemeenten. Dat kan bijvoorbeeld via de platformrol: de vereniging moet een levend netwerk zijn, waarin snel geschakeld kan worden. Soms zit de kennis vooral bij de VNG (bijvoorbeeld over het Gemeentefonds), maar soms ook bij (individuele) leden. Er was geen voorkeur over de manier waarop collectieve dienstverlening binnen of buiten de vereniging geplaatst wordt.